DEFINITIES
Artikel 1
In dit reglement wordt verstaan onder:
a. SAR: de Stichting Assurantie Registratie, die conform haar statuten tot doel heeft het instandhouden en bevorderen van de vakbekwaamheid en integriteit op het gebied van financiële dienstverlening en dit onder meer tracht te bereiken door het opzetten en instandhouden van registers waarin natuurlijke personen die voldoen aan de door de stichting gestelde voorwaarden kunnen worden ingeschreven.
b. RPA-subbestuur: een door de SAR ingesteld subbestuur ten behoeve van het beheer van het Registerpensioenadviseur.
c. Register: een door het RPA-subbestuur bijgehouden register voor natuurlijke personen.
d. Beoordelingscommissie: een door de SAR ingestelde commissie, die het RPA-subbestuur adviseert over verzoeken van natuurlijke personen tot opname in het Registerpensioenadviseur overeenkomstig de door het SAR-bestuur geformuleerde eisen waaraan de natuurlijke personen moeten voldoen om in het register te kunnen worden opgenomen.
e. Gedragscode Registerpensioenadviseur: de door het SAR-bestuur vastgestelde gedragscode die Registerpensioenadviseurs dienen te onderschrijven en waaraan zij zich dienen te houden, teneinde ingeschreven te kunnen worden en blijven in het Registerpensioenadviseur.
f. Jaarlijkse bijdrage: een jaarlijks door het RPA-subbestuur vast te stellen bedrag dat verschuldigd is om ingeschreven te kunnen blijven in het register.
g. Entreetoets: een toets die conform het examenreglement met goed gevolg moet worden afgelegd teneinde te kunnen worden ingeschreven in het Registerpensioenadviseur.
h. Entreegeld: een eenmalig bedrag dat jaarlijks door het RPA-subbestuur wordt vastgesteld en verschuldigd is bij inschrijving in het Registerpensioenadviseur.
i. Examencommissie: een door de SAR ingestelde commissie, die belast is met de organisatie van de entreetoets en de periodieke toetsen.
j. Examenreglement: het door de SAR-bestuur vastgesteld reglement voor de entreetoets en de periodieke toetsen.
k. Periodieke toets: een toets die een in het register ingeschreven natuurlijke persoon om de twee jaar met goed gevolg moet afleggen teneinde ingeschreven te kunnen blijven in het register.
l. Verklaring van goed gedrag: een door het ministerie van Justitie afgegeven verklaring in verband met de inschrijving in het Registerpensioenadviseur, omtrent het gedrag van natuurlijke personen, verkrijgbaar bij de gemeente waar de natuurlijke persoon woonachtig is, die niet ouder is dan één jaar.
m. Wfd: de Wet financiële dienstverlening.
DOEL
Artikel 2
1. Het RPA-subbestuur stelt zich ten doel de kwaliteit van de dienstverlening van de pensioenadviseur transparanter te maken en de consument een garantie voor deskundigheid en betrouwbaarheid te bieden.
2. Het RPA-subbestuur tracht dit doel te bereiken door het opzetten en instandhouden van een erkenningsregeling door middel van het voeren van een Registerpensioenadviseur waarin natuurlijke personen die aan de door het SAR-bestuur vastgestelde deskundigheids- en integriteitseisen voldoen, op verzoek kunnen worden ingeschreven.
BESTUUR
Artikel 3
1. De leden van het RPA-subbestuur worden benoemd en ontslagen door het SAR-bestuur.
2. Een door het SAR-bestuur aan te wijzen lid van het SAR-bestuur zal optreden als voorzitter van het RPA-subbestuur.
3. Tot leden van het RPA-subbestuur kunnen alleen worden benoemd:
a. een lid van het SAR-bestuur;
b. een natuurlijke persoon die ingeschreven staat in het Register.
4. Het SAR-bestuur kan in afwijking van het in het vorige lid bepaalde, onder uitdrukkelijke vermelding van de betreffende reden(en) besluiten tot benoeming van één of meer andere personen tot lid van het RPA-subbestuur.
Artikel 4
1. Het RPA-subbestuur bestaat uit een door het SAR-bestuur vast te stellen aantal van tenminste vijf personen.
2. Subbestuurders worden benoemd door het SAR-bestuur. In ontstane vacatures wordt zo spoedig mogelijk voorzien, doch in ieder geval binnen drie maanden.
3. De benoeming van de leden van het RPA-subbestuur geschiedt voor een periode van drie jaar, tenzij in het betreffende benoemingsbesluit een andere tijd is vastgesteld. Een RPA-subbestuurder is aansluitend ten hoogste éénmaal herbenoembaar.
4. Bij ontstentenis of belet van een RPA-subbestuurder zijn de overige RPA-subbestuurders met het bestuur belast. Indien één of meer bestuurders ontbreken, vormen de overgebleven RPA-subbestuurders een bevoegd bestuur.
5. Een RPA-subbestuurder defungeert:
a. door zijn overlijden;
b. door zijn aftreden;
c. door zijn ontslag door het SAR-bestuur;
d. door het verstrijken van de tijd waarvoor hij is benoemd.
BESLUITVORMING
Artikel 5
1. RPA-subbestuurvergaderingen worden gehouden zo dikwijls de voorzitter of tenminste twee van de overige subbestuurders zulks wensen, doch tenminste eenmaal per zes maanden.
2. De bijeenroeping van een bestuursvergadering geschiedt schriftelijk door de voorzitter of tenminste twee van de overige RPA-subbestuurders, danwel namens deze(n) door de ambtelijk secretaris, onder opgaaf van de te behandelen onderwerpen en op een termijn van tenminste zeven werkdagen, de dag van de oproeping en die van de vergadering niet meegerekend.
3. Indien voorgaande voorwaarden niet in acht zijn genomen, of onderwerpen worden besproken die niet bij de oproeping zijn aangekondigd, is besluitvorming niettemin mogelijk, mits ter vergadering alle in functie zijn RPA-subbestuurders aanwezig of vertegenwoordigd zijn.
4. RPA-subbestuurvergaderingen worden gehouden ter plaatse te bepalen door degene die de vergadering bijeenroept.
5. Toegang tot de vergadering van het RPA-subbestuur hebben de RPA-subbestuurders, alsmede zij die door de ter vergadering aanwezige bestuurders worden toegelaten.
6. Iedere RPA-subbestuurder heeft één stem. Alle RPA-subbestuursbesluiten worden genomen met volstrekte meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen.
7. De vergaderingen van het RPA-subbestuur worden geleid door de voorzitter. Bij zijn afwezigheid voorziet de vergadering zelf in haar leiding.
8. Van het behandelde ter vergadering worden door de ambtelijk secretaris of door een door deze onder zijn verantwoordelijkheid en met instemming van het RPA-subbestuur aangewezen persoon notulen opgemaakt. De notulen worden vastgesteld door het RPA-subbestuur en ten blijke daarvan door de voorzitter en ambtelijk secretaris van de desbetreffende vergadering ondertekend. De vastgestelde notulen zijn ter inzage voor alle RPA-subbestuurders.
9. Het RPA-subbestuur kan ook buiten de vergadering (schriftelijk) besluiten, mits alle bestuurders zich schriftelijk omtrent het desbetreffende voorstel hebben uitgesproken, waaronder begrepen per elektronische gegevensdrager. Van een besluit buiten vergadering wordt onder bijvoeging van de ingekomen antwoorden door de ambtelijk secretaris een relaas opgemaakt, dat na mede-ondertekening door de voorzitter bij de notulen wordt gevoegd.
COMMISSIES
Artikel 6
1. Het SAR-bestuur kan commissies benoemen. Deze worden ingesteld en ontbonden door het SAR-bestuur. De leden van deze commissies worden benoemd en ontslagen door het SAR-bestuur.
2. Het SAR-bestuur benoemt in ieder geval een Beoordelingscommissie en een Examencommissie.
3. De door het SAR-bestuur benoemde commissies worden vermeld op de website www.rpa.nl. Deze vermelding omvat tevens een toelichting op de activiteiten van deze commissies.
4. De voorzitters van de Beoordelingscommissie en de Examencommissie worden door het SAR-bestuur benoemd en hebben een qualitate qua vertegenwoordiging in het subbestuur RPA.
INRICHTING VAN HET REGISTER
Artikel 7
1. Het RPA-subbestuur houdt een doorlopend register bij, te weten een register voor natuurlijke personen.
2. Het register bevat de volgende gegevens van de ingeschrevenen:
- Naam, voorletter, titel;
- Geboortedatum;
- Woonplaats, adres, telefoonnummer, faxnummer en zakelijke e-mailadres;
- Eénmanszaak/organisatie waaraan de ingeschrevene is verbonden;
- Datum van registratie;
- Registratienummer.
3. Het register wordt afgestemd op de familienaam, alfabetisch ingericht.
4. Alle schriftelijke stukken die er toe hebben geleid dat een persoon wordt ingeschreven in het register, worden in een eigen afzonderlijk dossier gearchiveerd.
5. De stukken van de personen waarvan de inschrijving in het register is afgewezen, worden drie jaar bewaard vanaf de datum van afwijzing. Tenzij de persoon verzoekt de stukken te retourneren.
6. Na inschrijving in het register heeft de ingeschrevene het recht om de titel Registerpensioenadviseur en het bijbehorende logo te voeren.
7. Elke wijziging van de in het tweede lid opgesomde gegevens wordt zo spoedig mogelijk doch in ieder geval binnen één maand in het register en in het eigen dossier van de ingeschrevene verwerkt.
8. De titel Registerpensioenadviseur en het bijbehorende logo zijn gedeponeerd bij het Benelux Merkenbureau en worden dus beschermd tegen oneigenlijk gebruik.
OPENBAARMAKING VAN HET REGISTER
Artikel 8
1. Het RPA-subbestuur verstrekt inlichtingen aan iedere belanghebbende omtrent al dan niet ingeschreven staan in het register.
2. Het register wordt gepubliceerd op de website www.rpa.nl. Deze publicatie wordt elk kwartaal geactualiseerd.
VEREISTEN VOOR INSCHRIJVING
Artikel 9
1. Een ieder die inschrijving verlangt in het register kan een aanvraagformulier, een exemplaar van de Gedragscode, het Huishoudelijk Reglement en een opgave van het entreegeld en de jaarlijkse bijdrage bij het secretariaat of via de website opvragen.
2. De natuurlijke personen kunnen in het register worden ingeschreven indien zij:
a. in het bezit van de één van de volgende diploma’s of diploma-combinaties: Pensioenpraktijk 1 en 2, Branche Leven, Actuarieel Analist, Actuaris AG, Bachelor in Pension and Life Assurance (indien het diploma is behaald na 1 januari 2003), Master in Pension and Life Assurance, Schriftelijke opleiding tot Pensioenconsultant, en Leergang Pensioenrecht.
b. met goed gevolg de entreetoets hebben afgelegd. Het examenreglement is als bijlage aan dit Huishoudelijk Reglement toegevoegd.
c. actief zijn in de onafhankelijke pensioenadvisering/-bemiddeling, waartoe een verklaring van vrijheid in advies dient te worden ingevuld.
d. drie jaar relevante en ononderbroken werkervaring in de pensioenadvisering/-bemiddeling in de vijf jaar voorafgaand aan het verzoek tot inschrijving.
e. het hoofdberoep van de aanvrager moet pensioenadviseur zijn, waarbij hij rechtstreeks contact met de klant onderhoudt.
f. een verklaring van goed gedrag kunnen overleggen.
g. bekend staan als een persoon te goeder naam en faam.
h. de Gedragscode Registerpensioenadviseur onderschrijven
i. werkzaam zijn in een bedrijf dat een vergunning heeft aangevraagd als adviseur of bemiddelaar van levensverzekeringen en valt onder de overgangsregeling van de Wfd, dan wel in het bezit is van een vergunning als adviseur of bemiddelaar van levensverzekeringen..
Bovendien moet het bedrijf waarin de aanvrager actief is, beschikken over een adequate beroepsaansprakelijkheidsverzekering met een minimale verzekerde som van € 1.000.000 per schadegeval en in totaal minimaal € 1.500.000 per jaar voor alle schadegevallen gezamenlijk.
3. Voor handhaving van de inschrijving in het register is het een vereiste dat de ingeschrevene zich verplicht een periodieke toets af te leggen, waarin kennis en kunde worden getoetst. Ook dient de ingeschrevene te blijven voldoen aan de eisen zoals deze gesteld zijn in het tweede lid van dit artikel onder a tot en met i en artikel 12 van dit reglement.
INSCHRIJVINGSPROCEDURE
Artikel 10
1. Een inschrijving in het register vindt plaats onder de verantwoordelijkheid van het RPA-subbestuur op advies van de beoordelingscommissie.
2. Indien besloten wordt om de aanvrager in het register in te schrijven dan wordt deze hiervan op de hoogte gesteld met de uitnodiging het verschuldigde entreegeld en de jaarlijkse bijdrage te voldoen.
3. Zodra het entreegeld en de eerste jaarlijkse bijdrage zijn ontvangen wordt de betrokkene ingeschreven in het register en in kennis gesteld van de datum van zijn inschrijving en zijn registratienummer.
4. Indien besloten wordt om de aanvrager niet in het register in te schrijven dan wordt deze hiervan schriftelijk in kennis gesteld, onder opgave van redenen.
UITSCHRIJVINGSPROCEDURE
Artikel 11
1. Uitschrijving uit het register vindt plaats om de volgende redenen:
- De ingeschrevene weet de periodieke toets niet met goed gevolg af te leggen;
- De ingeschrevene zelf vraagt om uitschrijving;
- Niet wordt voldaan aan de eisen in artikel 12;
- De ingeschrevene heeft opgehouden te voldoen aan de eisen zoals gesteld in dit Huishoudelijk Reglement en/of in andere reglementen en/of de Gedragscode..
2. Als het RPA-subbestuur van oordeel is dat een ingeschrevene handelt in strijd met de Statuten van de Stichting Assurantie Registratie, dit Huishoudelijk Reglement en/of de Gedragscode dan kan het RPA-subbestuur besluiten tot uitschrijving van de betrokkene.
3. Op een besluit van het RPA-subbestuur, zoals bedoeld in het tweede lid, zijn de leden 2,3 en 4 van artikel 14 van overeenkomstige toepassing.
4. Er vindt nimmer restitutie plaats van inschrijfgeld en/of de jaarlijkse bijdrage.
5. Indien uitschrijving uit het register plaatsvindt vóór 1 december van een kalenderjaar, dan is geen inschrijfgeld en/of jaarlijkse bijdrage meer verschuldigd over het daaropvolgende kalenderjaar.
ENTREEGELD EN JAARLIJKSE BIJDRAGE
Artikel 12
1. In de maand november stelt het RPA-subbestuur voor het komende kalenderjaar, de hoogte van het entreegeld, de jaarlijkse bijdrage en de kosten van zowel de entree- als periodieke toets vast.
2. De jaarlijkse bijdrage dient uiterlijk op 1 maart van het betreffende kalenderjaar te zijn voldaan.
3. Indien de jaarlijkse bijdrage niet tijdig is ontvangen, wordt nog eenmaal een herinnering met het verzoek de verschuldigde bedragen alsnog binnen twee weken te voldoen.
4. Blijft ook dan betaling achterwege, dan volgt tijdelijke uitschrijving uit het register.
5. Wordt in de loop van het kalenderjaar waarin tijdelijke uitschrijving heeft plaatsgevonden alsnog de volledige jaarlijkse bijdrage betaald, dan wordt opnieuw ingeschreven.
6. Wordt in de loop van het kalenderjaar waarin tijdelijke uitschrijving heeft plaatsgevonden de volledige jaarlijkse bijdrage niet betaald, dan vindt na afloop van dat jaar definitieve uitschrijving plaats.
KLACHTEN
Artikel 13
1. Een ingeschrevene of een derde kan een klacht indienen tegen een andere ingeschrevene, indien deze handelt in strijd met de Statuten van de Stichting Assurantie Registratie, dit Huishoudelijk Reglement en/of de Gedragscode RPA.
2. Het RPA-subbestuur zal over deze klacht binnen drie maanden na ontvangst uitspraak doen. Hiertoe zal zij een commissie benoemen die zal bestaan uit één lid uit haar midden, één geregistreerde Registerpensioenadviseur en een onafhankelijk voorzitter.
SANCTIES
Artikel 14
1. Het RPA-subbestuur kan, onverminderd het bepaalde in artikel 10, jegens een ingeschrevene, die handelt in strijd met de belangen van het register besluiten de volgende sancties op te leggen:
a. Het geven van een berisping.
b. Het schorsen van de inschrijving.
2. Het besluit tot het opleggen van een sanctie wordt terstond medegedeeld aan de ingeschrevene.
3. Binnen 30 dagen na dagtekening van een bezwaar zoals bedoeld in het tweede lid, kan de ingeschrevene daartegen bezwaar maken.
4. Binnen 3 maanden na dagtekening van een bezwaar zoals bedoeld in het derde lid, zal het RPA-subbestuur uitspraak doen op dit bezwaar. Daartoe zal zij een commissie benoemen die zal bestaan uit één lid uit haar midden, één Registerpensioenadviseur en een onafhankelijk voorzitter.
WIJZIGING HUISHOUDELIJK REGLEMENT
Artikel 15
1. Wijzigingen in dit Huishoudelijk Reglement komen tot stand met inachtneming van het bepaalde in artikel 11, lid 1 en 2 van de Statuten van de Stichting Assurantie Registratie.
2. In de gevallen waarin dit Huishoudelijk Reglement niet voorziet beslist het RPA-subbestuur.

Website ontwerp RV Productions